Oude verhalen

Bakkerij van Dommelen

Negentig jaar lang was brood bakken en Van Dommelen een begrip op de Haar. Ook nu vinden we in De Meern, Maarssenbroek, Montfoort, Goes en Werkhoven Van Dommelen's werkzaam in de bakkerij.
Op de Haar bakten achtereenvolgens Dorus, Jan, Niek en Ed van Dommelen de broodjes bruin. Dorus deed dat in het bakhuis van Rien Verhoef, op de huidige Koningshof. Hij liet de bakkerij "In het gezegende brood" aan de Brink bouwen. De bakkerij aan de noordkant van de Brink werd gebouwd in 1896. Precies honderd jaar geleden begon Dorus van Dommelen zijn bakkerij. Zijn zoon Jan van Dommelen nam de bakkerij in 1926 over. Twee jaar later werd Niek geboren. Hij was de oudste van de jongens. In een gezin van drie meisjes en twee jongens, die keurig gescheiden boven woonhuis en bakkerij sliepen.
Een gesprek met Niek en Mien van Dommelen, die alweer elf jaar in' Werkhoven wonen.Niek en Mien van Dommelen zi}n nu rond de zeventig. ,,Mijn vader stookte de oven eerst met takken-bossen. Na een paar jaar ging hij over op briketten, steenkool in de vorm van broodjes. We hielpen wel mee, maar vader had personeel, een zekere Jo Versteeg en een jongen uit Spengen. Het brood bezorgen ging met de hondenkar. De honden droegen sokken om hun poten te beschermen. Mijn tante Stien bracht brood met de kruiwagen naar 'Coop' Wessels op het stoomgemaal aan de Thematerkade en dwars door het land naar de Eendenkooi.Ik herinner me ook nog het asfalteren van de wegen naar Utrecht en Kockengen, dat was een spectaculaire gebeurtenis. Het rondbrengen van brood ging toen van de hondenkar over op een mandfiets, gevolgd door een echte bakkerskar". In de oorlog werd opnieuw volop hout gestookt in de oven en werd het brood kneden met de hand gedaan.
OPLEIDING EN VERKERING
In Haarzuilens mocht Niek pas laat naar school: net te laat geboren. ,,Mijn vader stuurde me naar Kockengen, daar was de overgang niet in april, maar in oktober. Daar kreeg ik opmerkingen van de pastoor over mijn blote knieën onder mijn korte broek. Dat was te modern". Niek dacht niet uitgebreid na over zijn beroepskeuze. "Toen werd je automatisch bakker, omdat je vader het ook was. Ik ging in Utrecht naar de Handelsschool bij de fraters, waar nu de Gregoriusschool is gevestigd". Hij volg de cursussen brood, luxe brood en banket. "Je leerde mooie broodjes vlechten, toen al zo'n acht soorten".Op een dansavond in Vinkeveen leerde Niek Mien Veerhuis kennen uit Mijdrecht. ,,Ik kreeg toen 25 gulden zakgeld in de week. Als we naar Amsterdam gingen, uit eten en een bioscoop dan was je weekgeld in een weekend op. Dat was heel luxe".Niek en Mien van Dommelen namen in 1954 de bakkerij over. In hetzelfde jaar werden Vleuten/ Haarzuilens en De Meern (Veldhuizen en Ouden-rijn) een gemeente. Het echtpaar dreef de bakkerij 32 jaar lang, tot 1986.

KNEDEN
Niek en Mien praten met veel genoegen over hun samenwerking in de bakkerij. Het was een echt familiebedrijf geworden, personeel in de bakkerij, dat zat er niet meer in. "Dat vereist wel een modern bedrijf, goed uitgerust met machines, die het werk lichter maken, 's Ochtends om vijf uur begon je. Deeg maken en kneden met een goede machine. Kneden met de hand, vooral roggedeeg, is enorm zwaar. Mijn opa deed het nog met de voeten. Het deeg moest rijzen in de rijskast. Daarna deeg afsteken, wegen en opbollen en weer rijzen. Ook kleine bollen deeg snijden in een bak met 24 vakjes en opdraaien tot bolletjes of puntjes deden we 's ochtends vroeg. Het brood ging met vier of vijf gekoppelde blikken de oven in. Later werden broodsnij-machines natuurlijk ook heel belangrijk".
BEZORGEN EN VENTEN
Tussen tien en half vijf werd het brood gevent en bezorgd. "Mijn opa bezorgde brood met de hon-denkar. Een dag in Vleuten, een dag naar het kasteel en de Lage Haar. Ik ging in Vleuten tot aan de Parkweg en Kortjak. Later kwam daar de Breudijk tot de Putkop in Harmelen bij. Eerst venten we elke dag. Eind zeventiger jaren vielen woensdag en vrijdag uit"Op de pof brood leveren was vroeger heel gewoon. "Mensen beurden dikwijls eens per jaar of half jaar loon, vaak in november. Soms werd ook het brood eens per jaar betaald".Na vieren bleef de drukte voortduren. Niek en Mien hadden schrijfwerk, koekjes en banket maken of roompudding koken voor de tompoucen. "We gingen eigenlijk altijd, ook met de kermis, vroeg naar bed. Je moest wel, anders hield je het gewoon niet vol".

HOOGTEPUNTEN
Ieder jaar kende zijn hoogtepunten in het bakkers-leven. De feestdagen in december met Sinterklaas en Kerst. "We maakten ook heel veel boterletters, die bedrijven voor hun personeel bestelden. Het bladerdeeg 'toerden' we zelf met de hand. Spijs maakten we niet zelf, maar maakten het soepel met eieren, dat kwam heel precies".De kermis bracht niet veel drukte in het bedrijf, aan het kasteel werden vooral grondstoffen en luxe broodjes geleverd. De communiefeesten waren weleen hoogtepunt:,,soms per gezin wel honderd broodjes en bollen". Oud- en Nieuwjaar brachten natuurlijk oliebollen en appelflappen op de toonbank.
BAKKERSVROUW
Mien van Dommelen werkte volop mee in het bedrijf. Haar vader was aannemer. ,,Ik was een houtworm en werd een enthousiaste meelmuis". Ook haar dag begon vroeg. Naast de zorg voor het gezin, vier zonen en een dochter. Ze haalde de laatste broden uit de oven, zorgde voor het snijden, draaide graag bolletjes en puntjes en kookte room voor de tompoucen. ,,Ik had er liefhebberij in en we deden het samen".
VRIJE TIJD
"Eigenlijk had je alleen op zondag vrij. Vroeger gingen we zaterdagavond dansen in Houten of Vinkenveen. Bij tijds terug, want je was op de fiets. Later gingen we meer kaarten". Niek van Dommelen helpt nog bij hoogtijdagen in de bakkerij van zijn schoonzoon in Werkhoven. "Ze staan nog steeds verbaasd als ik luxe broodjes vlecht. Ook de boterletters voor enkele bedrijven, dat verzorg ik nog graag".Na dit drukke leven genieten Mien en Niek van Dommelen van de rust in het dorp Werkhoven, het kaarten en het familiebezoek.